De rooddijtantesidonia
Eric Wisse. Foto: Sjoerd Groos
Een beroemde tante
We denken dan natuurlijk direct aan egels en zanglijsters. De laatste gebruiken vaak een harde ondergrond, zoals stenen, als aambeeld om bij de smakelijke bewoner van de huisjes te komen. In het veld is zo’n lijstersmidse herkenbaar aan de schelpresten rondom een steen. Maar er is ook nog de familie van de slakkendoders (Sciomyzidae). De larven van vliegen uit deze familie parasiteren op slakken. Dat kunnen naaktslakken zijn of huisjesslakken. De rooddijtantesidonia (Dichetophora obliterata) is er daar één van. Kijk je naar hun lange ‘benen’, dan begrijp je de grappige naam.
Veel slakkendoders zijn fraai om te zien: uiteenlopende vlekkenpatronen op de vleugels, kleurig gestreepte facetogen. In sommige gevallen gebruiken de larven de huisjes om in te verpoppen. Enkele zeldzame soorten eten specifiek slakkeneieren. Andere soorten verpoppen terwijl ze zich in de slak hebben genesteld. Voor een jonge larve kan de maaltijd ook bestaan uit een dode slak. Hoe dan ook, ze lijken door het eten van trage dieren zelf traag te zijn geworden. De slome bewegingen van hun lange, gekleurde poten staan in schril contrast met het gedrag van andere vliegensoorten. Een groot voordeel is dat je ze daardoor goed kunt fotograferen.
Ingrijpen met beleid
Bij het beheer van duingebieden zul je vaak zien dat men een stap terug maakt in de successie, de opeenvolgende ontwikkeling van vegetaties. Dit gebeurt vooral op plekken waar struwelen oorspronkelijke duinvegetaties verdringen. Dat is te begrijpen, omdat stikstofdepositie dit proces versnelt en we dan ook onze verantwoordelijkheid willen nemen op het vlak van behoud van de soortenrijkdom, die zo kenmerkend is voor onze kustnatuur.
Tegelijk zul je daarbij altijd alert moeten blijven, door vooraf goed na te gaan wat er leeft op plekken waar je wilt ingrijpen. Het kan gaan om uitzonderlijke soorten als een prachttrechtertje (zwam), het leefgebied van een populatie duinsabelsprinkhanen of grondbroeders als de nachtegaal. Daarnaast zou je jezelf de vraag moeten stellen welke functie gebiedjes hebben in het geheel van de duinecologie. Staat er een groep speerdistels waar solitaire bijen op foerageren? Groeien er abelen waar groene spechten hun nest in uithakken? Zo kun je ook kijken naar de aanwezigheid van een rijk bodemleven, waar andere dieren weer profijt van hebben als voedsel. Dit bodemleven tref je op plekken die juist weer wat langer met rust zijn gelaten.
Huisjes in de duinen
Beperk je je tot slakken, dan zie je een zeldzame slakkensoort opduiken die een hoge beschermingsgraad kent: de nauwe korfslak. Die is gebonden aan specifieke omstandigheden rond duindoornstruwelen. In de Westduinen is ook gezocht naar die soort, helaas is hij nog niet gevonden. Toch stelde een intensieve speurtocht niet teleur en werd er veel moois aangetroffen, zoals de kleine korfslak en het genaveld tonnetje. Verder moeilijk te vinden zeldzame slakken, met aansprekende namen: vergeten schorshoren en duintolletje, die laatste klein als een speldenknop.
De fraaie Griekse en de bolle duinslak, de kleine kartuizerslak, de goudkleurige kleine blinkslak en de zandslak worden al langer gezien in de Haagse duinen. Allemaal huisjesslakken met uiteenlopende behuizingen. Zeldzame naaktslakken die werden gevonden zijn lichte aardslak en gele kielnaaktslak. Duinbewoners waar we als bezoeker makkelijk aan voorbij gaan. Samen met kevers, sprinkhanen en rupsen maken ze bovendien onderdeel uit van het leger aan kleine grazers. Van vitaal belang omdat ze grote invloed uitoefenen op de instandhouding van openheid en structuur in de gevarieerde duinnatuur.
Traag in Den Haag
Trouwe lezers van de artikelenreeks ‘duininsecten’ lazen hier eerder al over de gouden slakkenhuisbij. Die heeft er belang bij dat er veel lege huisjes rondslingeren, die zij gebruikt als nestelplek. Bij betreding door mensen en runderen en rijden met machines gaan er huisjes verloren, soms ook met larven. Bij werkzaamheden wordt gelukkig vaak wel op de gewone wijngaardslak gelet. Die worden dan vooraf terzijde gelegd, een verplichting. Als richtlijn voor een zorgvuldige uitvoering is er altijd een ecologisch werkprotocol.
Als je ook wilt genieten van de wondere microwereld, is het zaak te vertragen, net als slakken. En door de knieën te gaan. Maak je daarbij niet druk om soortnamen, zo’n kennismaking kent al genoeg indrukken. En laat het in toom houden van de slakkenpopulaties maar over aan de natuurlijke vijanden: lijsters, egels en de larven van de rooddijtantesidonia.






























Ontwerp, realisatie en techniek: