Home » Bomen eerst! Een pleidooi

Bomen eerst! Een pleidooi

Dit artikel beperkt zich tot bomen. Het is een pleidooi om bij de planvorming zoveel mogelijk rekening te houden met het aanwezige bomenbestand, met respect voor de boomwaarden en het milieu, en waar nodig of mogelijk de plannen daarvoor aan te passen. Het is zeker ook bedoeld voor bestuurders, architecten, projectontwikkelaars, boomverzorgingsbedrijven, omdat het hen rechtstreeks aan gaat.

Joost Gieskes

Dr. Nadina Galle is een Nederlands ecologisch ingenieur. Zij propageert de bevordering van de natuur in de breedste zin door het toepassen van technologische middelen. Door tal van publicaties heeft zij wereldwijd erkenning gekregen. In 2024 verscheen haar boek in het Nederlands: ‘De Natuur van onze steden’.

In de NRC van 28 september 2024 verscheen een lezenswaardig interview met haar, waarin haar werk en haar visie uitgebreid aan de orde komt. Met haar ‘Internet of Nature’ uit 2019 verwierf zij internationale bekendheid. Een van haar citaten luidt:

“Het is altijd een strijd om te zorgen dat nieuwe bomen worden geplant. Hoe mooi zou het zijn als zou worden gezegd: oké, dit terrein gaan we ontwikkelen, welke bomen staan er? Hoe gaan we daar omheen bouwen?” En elders: “Het helpt om de waarde van bomen uit te drukken in een taal die stadsbestuurders en projectontwikkelaars begrijpen.”

Haar kennis, haar visie is een stimulans en inspiratie om een pleidooi te houden voor het behoud van vooral volwassen bomen, en wel reeds in een vroeg stadium, bij bouwplannen en andere projecten. Met dank aan Dr. Nadina Galle wordt dit pleidooi tot behoud nader toegelicht.

Projectontwikkeling
Het zal duidelijk zijn dat bij projectontwikkeling in breedste zin vrijwel altijd belangenafweging zal plaatsvinden. Juist bij de zo noodzakelijke nieuwbouw van woningen zal dat nogal eens gebeuren, juist op plekken die daarvoor nog groen waren, met hoge natuurwaarden waaronder bomen. De enorme behoefte aan woningen in Nederland is evident. En inderdaad, het gaat ten koste van het groen. Dat laatste kan ook gebeuren bij verdichting in een stedelijke omgeving.

Dit zou nooit mogen gebeuren zonder eerst, met respect voor de natuur en met kennis van zaken, een grondige analyse te maken in hoeverre bomen kunnen worden gered of ingepast in het plan: ‘eromheen bouwen’.

Deze bewustwording, deze benadering, deze grondhouding van analyse vooraf moet wijdverbreid geaccepteerd worden. Door projectontwikkelaars, aannemers, bestuurders. Het is geen extra belasting, het is geen verordening, het is in tegendeel een voordeel voor iedereen, deze integratie van rood en groen, bouw en boom. Wie zou daar nu tegen kunnen zijn?

Er is een mentaliteitsverandering voor nodig, maar dat zou een verandering ten goede zijn.

Bomen eerst??
Onder tuinhistorici wordt bij restauratieplannen wel eens het treffende zinnetje gebezigd: “Wat hebben we, wat willen we, hoe doen we dat? ”

Dat ‘wat hebben we’ betekent uiteraard inventariseren. Juist daaraan wordt bij planontwikkeling weinig aandacht besteed. In dit geval aan inventarisatie van het bestaande bomenbestand.

Het komt geregeld voor dat bij een bouwplan wordt begonnen met het ontwerpen en het tekenwerk van de contouren op de te bestemmen plek. Wat binnen de contour valt, zoals houtopstand, moet wijken. Ook volwassen bomen.

Er is daarbij geen sprake van opzet; men staat er gewoon niet bij stil. Hoogstens wordt vervanging door jonge bomen beloofd, wat echter niet altijd de lading dekt.

Voorbeelden
Onderstaande voorbeelden geven een idee hoe een plan verloopt en wat daarbij misgaat. De voorbeelden zijn geanonimiseerd maar berusten op concrete plannen, of zij zijn reeds uitgevoerd.

Voorbeeld 1: Krimlinden moeten wijken
Bij de bouw van een cultureel complex in een landgoed bevond zich een historisch laantje met krimlinden. Indien het nieuwe nog te bouwen complex een luttel aantal meters was verschoven – en daar was de ruimte voor – dan was dat laantje behouden gebleven. De gemeente weigerde. Er was niet eens over nagedacht.

Voorbeeld 2: Parkeergarage
Bij de herontwikkeling van een terrein met woontorens werd een ondergrondse garage geprojecteerd, precies onder een aangrenzend laantje met volwassen bomen in volle grond. Het verzoek om althans een klein deel In volle grond te laten werd niet gehonoreerd. Argument: dan wordt de garage te klein. Het idee werd niet tevoren meegenomen. “Er komen wel nieuwe bomen op het garagedak” (met een grondlaagje van ongeveer 90 centimeter…).

Voorbeeld 3: Vijftig jaar oude bomenrij
Op een al veel jaren braakliggend terrein in de stad had zich nieuwe natuur gevestigd. Een aantal monumentaal te noemen grote bomen stond er al ongeveer 55 jaar. De bouwcontour werd er overheen getrokken. Er was geen poging gedaan of een studie uitgevoerd naar behoud van die rij bomen. De uitslag van dat onderzoek kunnen we nu niet weten. Een kans gemist.

Voorbeeld 4: Voorbeeld van een contour
Midden op een ruim natuurterrein bevond zich een villaatje dat om redenen moest worden vervangen door nieuwbouw. Rond dit villaatje bevond zich een redelijk groot aantal volwassen bomen, inclusief een laantje. Er was ruimte om het houtbestand rond het voormalige huis geheel of ten dele te behouden door de nieuwbouw iets ernaast te projecteren. Het verzoek werd afgewezen.

Voorbeeld 5: Villapark
Op een parkachtig terrein werd door een projectontwikkelaar een villapark ontworpen. Het bouwplan was leidend: bomen die in de weg stonden dienden te verdwijnen. Oude eiken, beuken, platanen, esdoorns, iepen, vleugelnoten.

Via een second opinion door de Bomenstichting konden nog 19 bomen gered worden, een schrale oogst. Veel meer bomen hadden kunnen worden gered als er eerst een inventarisatie had plaats gevonden en het plan waar mogelijk was aangepast.

Bomen en hun waarden
Het is schier onmogelijk de waarde van bomen in een opsomming te vatten; zij zijn altijd meer dan dat. Niettemin, een poging: bomen zijn goed voor het klimaat; zij nemen het broeikasgas CO2 op; zij staan zuurstof af en zuiveren de lucht; bomen houden vocht vast in de bodem; bomen voeden het bodemleven; bomen vangen NOx (stikstofoxiden) en fijnstof op en zijn goed tegen luchtvervuiling; bomen zorgen voor koelte; voor schaduw; het zijn windvangers; bomen ondersteunen elkaar ook ondergronds en zijn goed voor de biodiversiteit. De ecologie van een volwassen boom is te vergelijken met ongeveer tien jonge bomen. Een boom is een levend wezen. Het is een subject, geen object. Respect voor de boom!

Ook immaterieel hebben bomen waarde: denk aan de belevingswaarde van bomen, een geluksgevoel, aan historische waarden en dendrologische (boomkundige) waarden. Het kunnen doorslaggevende criteria zijn.

Overwegingen
Bijgaande voorbeelden zijn uit te breiden. Er valt wellicht op af te dingen. En er zijn ook projecten waar het goed gaat.

Daar gaat het echter allemaal niet om! Het gaat om de kern van de zaak: maak een inventarisatie, weeg in de voorbereidingsfase van een project de belangen af tussen de belangen van het bomenbestand met hun waarde naast de belangen van het project.

Ons advies: “Bomen eerst!”