Algemene Vereniging voor Natuurbescherming voor 's Gravenhage en omstreken
AVN site » Haagwinde » Poppels om van te houden

Poppels om van te houden

‘Klompenhout’ was de bestemming voor vele populieren in de Hollandse historie. Toen de halve bevolking uit armoede (stedelingen) of gebruiksgemak (boeren) nog op houten instappers rondliep. Hollandser kan populierenhout niet worden uitgebeeld. En in onze steden, maar ook langs dijken worden populieren vooral aangeplant vanwege hun snelle groei.
Een groot deel van de Haagse populieren staat er al van vlak na de oorlog. In de hongerwinter van 1945 waren de stadsbomen kaalgeplunderd en opgestookt. Populier bleek toen, vanwege zijn snelle groeicapaciteit,  een zeer aantrekkelijke boomsoort om aan te planten. Twee decennia later werd dezelfde actie herhaald in de nieuwbouwwijken.  Mariahoeve, Morgenstond en Bouwlust staan vol populieren.

Grootste bomen van de stad

Inmiddels zijn we vijftig tot zeventig jaar verder en is dit snelgroeiende hout volwassen geworden. Stam-omtrekken van 3 meter zijn geen uitzondering. De Canadese variant heeft een wijduitstaande kruin die tot wel 40 meter hoogte kan uitgroeien. Daarmee behoort de populier tot de grootste boomsoorten in West-Europa.  Wereldwijd komen er zes populierensoorten voor waarvan drie in West-Europa.
Hier onderscheiden we abeel, ratelpopulier en zwarte populier. Van die laatste soort zijn ondersoorten gecultiveerd tot de Canadese en de Italiaanse populier. De eerste met een brede kroon en de Italiaan in zuilvorm waarbij de kroon dicht tegen de stam aangroeit.
In Den Haag treffen we die laatste twee cultivars uit het populierenbestand het meest aan.
Problemen met veiligheid
Omdat volwassen populieren veel last hebben van takbreuk (hoge bomen vangen immers veel wind), komt er een moment dat de groenbeheerder zich zorgen gaat maken over de veiligheid op straat. Het risico dat er een zware tak uitbreekt wordt bij het ouder worden van de bomen steeds groter. De celspanning neemt af waardoor er doorhangende takken ontstaan die makkelijker uitbreken. Stadsbomen staan langs de straat en niemand wil een tak op zijn hoofd of auto. Door het niet nakomen van zorgplicht is de gemeente aansprakelijk gesteld worden voor de schade.
De vraag is dan voor welk beheer men kiest. De populier is een pioniersoort die blijft doorgroeien. Onderhoud kent verschillende manieren:
In Den Haag worden de bomen jaarlijks onderworpen aan een VTA, een visuele keuring. Breukgevoelige takken worden dan uitgezaagd.
In Leidschendam komen we langs de Noordsingel populieren tegen die gekandelaberd zijn. Alle hoofdtakken uit de kroon zijn daarbij tot de helft teruggesnoeid. Een soort amputatie. De vorm van de kroon is dan zeer verminkt, maar in het voorjaar lopen de takken weer uit met zijscheuten en ontstaat er een fijnmazig bladerpruikje dat veel minder zwaar is.

Geen kandelaber in Den Haag
“De gemeente Den Haag heeft bewust niet gekozen voor het kandelaberen van de hoge populieren”, vertelt Albert Jan van de Scheur, progammamanager van dit project. “Snoeien is erg duur en brengt weer andere risico’s met zich mee. De aanhechtingen van de nieuwe uitlopers zijn per definitie zwak. De ingreep moet elke paar jaar herhaald worden maar het probleem met de celspanning van de grote gesteltakken los je hiermee niet op.”
De boomdeskundigen van de AVN onderschrijven de technische uitgangspunten. Het is een flink dilemma vinden zij, want die bomen zijn niet ziek en nog steeds in goede conditie. De handicap zit hem uitsluitend in het toenemende risico van uitbrekende takken en dat is niet omkeerbaar”.

Emotie speelt ook een rol

Binnen de AVN is er veel discussie geweest over dit onderwerp. Net als bij de omwonenden speelde de emotie over het verdwijnen van zo’n groot aantal bomen een hoofdrol. We zijn op zoek gegaan naar alternatieven. Vele argumenten en vragen gingen over tafel. “Die bomenrijen zijn beeldbepalend voor de stad”.  “Die grote kruinen zorgen toch voor afvang van fijnstof ?”,  “Kan de kap niet meer gespreid worden uitgevoerd ?” , “Waarom kappen we gezonde bomen ?” “Waarom moet dit zo plotseling ?”
Vooral die laatste vraag was essentieel voor de gemoederen. De kapaanvraag van zo’n groot aantal bomen had best wat eerder en beter kunnen worden voorbereid, waarbij ook de gezondheids- en ecologische waarde van deze bomen in beeld zou zijn gebracht.  De emotionele betrokkenheid is groot en de bewoners willen -terecht-  gehoord worden.

Groot programma
Het is een groot programma dat moet worden uitgevoerd, blijkt uit het onderzoeksrapport. In heel Den Haag staan 7000 populieren. Daarvan zijn er tijdens de laatste VTA-keuring ca 1500 uitgekozen om op korte termijn vervangen te worden. 
Er is op drie manieren naar de boom gekeken:  de conditie, de veiligheid en de beheerbaarheid. Dit samen bepaalt de kwaliteit van de populier. Afhankelijk van de score krijgt de boom een vervangingstermijn. Erg slechte bomen (103) zijn binnen drie maanden gekapt. 787 bomen staan binnen twee jaar op de lijst en de rest volgt binnen de vijf jaar. In de loop van 2016 worden de resterende populieren opnieuw onderzocht.

Verbetering ecologische zone
De karakteristieke bomen langs de Kennedylaan en Johan de Wittlaan lijken op het oog nog zeer vitaal. De groeiconditie scoort dan ook nog goed. Maar afgelopen twee jaar zijn er al veel grote takken uitgebroken. Gevaarlijke takken zijn nu eerst genoeid en de bomenrij heeft een slechte score meegekregen.
Ecologisch gezien zijn deze populieren niet bijzonder. De stadsecologe heeft ter vervanging dan ook liever een combinatie van bomen die voor vogels, insecten en vleermuizen meer te bieden hebben. In het Stadhoudersplantsoen zullen essen, eiken, zwarte els, witte abeel en zachte berk worden teruggeplant. Niet meer in rijen maar samen met onderbegroeiing  in groepjes, zodat er meer beschutting voor fauna ontstaat. Als AVN zijn we wel blij met het behoud van enkele Italiaanse populieren in het Stadhoudersplantsoen en de Boekweitkamp. Die bleken onterecht gestipt. Protesteren tegen de voorgenomen kap heeft voor deze bomen dus wel degelijk resultaat gehad.