Algemene Vereniging voor Natuurbescherming voor 's Gravenhage en omstreken
AVN site » Haagwinde » De Huntingdon-iep en haar bedreigingen

De Huntingdon-iep en haar bedreigingen

Tussen de jaren vijftig en zeventig van de vorige eeuw werd de Huntingdon-iep – Ulmus hollandica ‘ Vegeta’ – geïntroduceerd als resistent tegen de iepziekte en massaal aangeplant in Nederland. Deze soort gold toen als de vervanger van de Hollandse iep – Ulmus hollandica ‘Belgica’ , die zeer gevoelig bleek voor iepziekte. Inmiddels is de ‘Belgica’ zeldzaam geworden in het Haagse straatbeeld.

Door: Bas Steenks

De iep is goed bestand tegen zeewind. Daar maakt de gemeente Den Haag dankbaar gebruik van door op ruime schaal iepen aan te planten; meestal als straat- of laanboom. Maar ook in parken en plantsoenen is het een waardevolle soort.

Toch niet resistent  
Helaas bleek eind jaren zeventig dat ook bij de Huntingdon geen sprake meer was van resistentie tegen de schimmel van de iepziekte. Vele aangetaste exemplaren moesten gekapt worden. De groenbeheerders zochten naarstig naar middelen om de ziekte te bestrijden. Uiteindelijk vond men een manier om de besmetting preventief tegen te gaan. Het medicijn wordt als vloeistof in de boom geïnjecteerd. Helaas werk de preventie niet voor 100%.  Van alle behandelde bomen wordt alsnog een klein deel aangetast. En de behandeling moet jaarlijks worden herhaald. Toch is inenten zeer zinvol.

Aantasting door zwammen
 
Behalve de gevoeligheid voor iepziekte lijkt de Huntingdon nog een andere bedreiging te hebben. Dit manifesteerde zich tijdens de laatste twee zware stormen op respectievelijk 28 oktober 2013 en 25 juli 2015. De bomen stonden nog vol in blad en de schade was groot, variërend van afgebroken takken tot omgewaaide bomen. Het betrof in veel gevallen iepen en met name de Huntingdon. Om weg en straat weer begaanbaar te maken is het na zo’n storm zaak om zo snel mogelijk de stam af te zagen en de boom af te voeren. De stobbe volgt dan later wel.
Dat biedt de mogelijkheid om wortelstobbe en stamvoet te onderzoeken. Hierbij bleek dat bijna alle iepen zijn aangetast door tonderzwam. Deze zwam dringt doorgaans via de wortels de boom binnen waarbij het hout in de stamvoet wordt aangetast en verzwakt. Op den duur rot een deel van het hout weg en ontstaat er een holte. Het is een proces dat jaren kan duren terwijl er aan de buitenkant van de stamvoet niets valt te zien.

Daarom mogen we wel aannemen dat er onder het huidige iepenbestand veel exemplaren zijn met een zwamaantasting. Het is slechts een kwestie van tijd dat zo’n boom uitvalt. Op den duur ontstaan er gaten aan de stamvoet en doorgaans ontwikkelen zich ook vruchtlichamen op de bast of in de holtes.
Aan de hand van zo’n vruchtlichaam (vergelijkbaar met een paddenstoel) kan de zwamsoort worden vastgesteld. Behalve de stamvoet wordt ook de wortelkluit aangetast, waarbij de hoofdwortels doorrotten en de boom instabiel wordt.  Als bij de reguliere visuele boomcontrole (VTA) door de groenbeheerder iepen worden aangetroffen met de hierboven geschetste kenmerken van zwamaantastingen dan worden dergelijke bomen doorgaans preventief gekapt.
Met de ervaringen van deze stormen wordt steeds meer duidelijk dat de iepziekte niet de enige bedreiging vormt voor de Huntingdon-iep. Er zijn geen statistische gegevens bekend over uitval van iepen door de tonderzwam, maar het begint er op te lijken dat de uitval door zwammen de uitval door iepziekte begint in te lopen.

Herplant
Na uitval van een iep, om welke reden dan ook, wordt doorgaans een andere iep herplant. Voor die herplant wordt vrijwel uitsluitend gebruik gemaakt van nieuwe soorten, die goed resistent zijn tegen de iepziekte. Er is inmiddels een ruime keuze in het sortiment van resistente iepen. In ieder geval zal Den Haag een iepenstad blijven.